Martin & Nancy op reis...

Cairns (rustdag)

We hadden gepland om vandaag naar Daintree NP en Cape Tribulation te gaan, maar vanwege de te erge verbrandingen, besluiten we deze dagtrip maar een dag uit te stellen en vandaag als rust- en hersteldag in te richten.

Mijn benen zijn dusdanig verbrand dat ik me afvraag of ik er niet mee naar een dokter moet. Eerst maar eens even op internet kijken of we iets kunnen vinden en dan kijken we wel weer verder. Ik voldoe aan een aantal symptomen van iemand met ernstige zonnebrand, maar omdat ik de bijbehorende blaren niet heb, besluit ik vooral goed te koelen en wat paracetamol tegen de pijn te nemen. En vooral niet te veel te lopen vandaag, want iedere keer als ik opsta, dan lijkt het alsof mijn vel op springen staat. Niet echt een lekker gevoel en vooral erg pijnlijk.

Gelukkig is Martin zo lief mij goed te verzorgen. Hij haalt een lekker ontbijtje bij het restaurant en voorziet me van alles wat ik nodig heb. We hebben nog een plastic tafellaken in onze bagage, dat we op het bed leggen. Dan wat natte koude handdoeken erop en koelen maar...

Cairns (snorkelen Great Barrier Reef)

Vandaag staan we vroeg op om naar Port Douglas te rijden voor onze snorkeltocht over het Great Barrier Reef. Port Douglas ligt op een uurtje rijden van Cairns en de route erna toe is een beetje een light versie van de Great Ocean Road. Veel slingeren langs de kust, maar met mooie uitzicht. In dit geval vooral uitzichten op de vele strandjes langs de kust.

We hebben de snorkeltocht gereserveerd bij Wavelength omdat deze zich puur richt op de snorkelers en met een groep van maximaal 30 mensen erop uit trekt, terwijl andere maatschappijen snorkelen en duiken combineren en je met zo'n 150 man op zo'n boot zit. Helaas is er iets misgegaan met de boeking, zoals we enkele dagen vantevoren via mail vernemen. We hadden een pick-up bij het hotel geregeld, maar zij hadden niet door dat dat in Cairns was en daar doen zij geen pick-up. Gelukkig hebben we onze huurauto ter beschikking, dus los van het feit dat we nu de rit zelf moeten doen, is er niks aan de hand. We zijn alleen veel te vroeg, want volgens de instructie die we hebben gekregen zou het zo'n anderhalf uur rijden zijn als het verkeer lekker door rijdt. Braaf als we zijn, houden we dan nog altijd rekening met mogelijke vertraging, dus uiteindelijk zijn we ruim een uur te vroeg door. Het kantoortje van Wavelength gaat gelukkig al om zeven uur open, dus gaan we naar binnen. Het meisje weet meteen wie we zijn en biedt ons een kopje thee aan, aangezien de horeca om deze tijd nog niet open is.

Als de andere snorkelers zijn gearriveerd, mogen we ons in wetsuits proberen te wurmen en kunnen we naar de boot. Hier krijgen we uiteraard wat veiligheidsinstructies en omdat de zee wat ruw is vandaag krijgen we ook tabletjes tegen zeeziekte aangeboden. Het wordt ons sterk aanbevolen deze te nemen. Martin met zijn zeebenen, durft de tocht zonder de tabletten aan, maar ik neem ze uit voorzorg toch maar in. Iets waar ik mezelf later erg dankbaar voor ben als de kleine boot toch behoorlijk ligt te stuiteren en er al verschillende mensen (zelfs met ingenomen tabletjes) een seasickness zakje nodig hebben.

Onder de drie crewleden bevindt zich een maritiem biologe, Emma. Als ze een praatje komt maken en hoort dat we bij de Galapagos Eilanden gesnorkeld hebben, is ze zeer geïnteresseerd. Dat is een van de plekken waar ze graag nog eens naar toe zou gaan om de maritieme wereld daar verder te ontdekken.

Na een kleine twee uur varen (en hotsen en klotsen) komen we aan bij onze eerste snorkelplek in het Great Barrier Reef.

Het wereldberoemde Great Barrier Reef is duizenden kilometers lang en reikt van Bundaberg tot aan Papua New Guinea. Dit grootste koraalrif ter wereld is een wereldnatuurmonument en tegelijk de voornaamste en populairste bezienswaardigheid van Queensland. De afstand tussen de kust van het vasteland en de verste, meest oostelijke rand van het rif ligt tussen 25 en 400 kilometer. Op het rif is een grote verscheidenheid aan koraal en talloze kleurrijke, exotische vissen te bewonderen.

In totaal doen we drie snorkellocaties aan en met name de ondiepere stukken zijn prachtig. Ondanks dat we beide van mening zijn dat snorkelen bij de Galapagos Eilanden mooier was, is dit ook zeker niet verkeerd. Daar waar de Galapagos Eilanden meer variatie aan grote mooie vissen, seals en pinguïns biedt, biedt het Great Barrier Reef een grote diversiteit aan koraal en kleinere visjes.

We genieten van de onderwaterwereld. Bij de eerste snorkelplek, denk ik iets heel bijzonders ontdekt te hebben. Ik zie een blauwpaarsig wezen op het koraal en ben onder de indruk van de mooie kleuren. Als ik Emma vraag wat ik gezien heb en haar de foto laat zien, blijkt het een clam (soort schelp) te zijn, die zich nestelt in het koraal en van daaruit groeit.

Bij de tweede snorkelplek zie ik een kleine octopus, wat blijkbaar heel zeldzaam is. Als ik hem voor het eerst zie is hij zwart en nog voordat ik mijn duikcamera op hem kan richten, verandert hij van kleur en structuur, zodat hij helemaal opgaat in het koraal. Ongelofelijk! Ik weet waar hij zit en toch zie ik hem niet meer.

Bij de derde snorkelplek schijnt er een nemo met kleintje te zien te zijn. En ja, hoor, bijna op het einde van de snorkeltijd zien we ze snel rondom de annemoon zwemmen. Ze zijn erg lastig om een foto van te maken, maar erg leuk om te zien.

Overigens zien we overal mooie tropische vissen zoals de papegaaivis, annemoonvissen, zeenaalden en vooral veel koraal is diverse kleuren en vormen. Ook de clams komen in diverse groottes en kleuren. Sommigen zijn zelfs bijna lichtgevend groen/aqua van kleur en zijn zo groot dat er een klein kind in zou passen.

Het was een goede keuze om voor Wavelength te kiezen. Het kleinere bootje is wellicht een nadeel bij de ruwe zee, maar de rest is prima verzorgd. Alles is inclusief en het eten tijdens de lunch en het verse fruit tussen de bedrijven door smaakt allemaal erg goed.

Aan alle goede dingen komt een einde, zo ook aan onze snorkeltocht. We willen graag een CD met de foto's van vandaag kopen, maar het blijkt dat de pc een beetje tegenwerkt. Ze beloven ons de cd naar Nederland op te sturen, dus wachten we vol spanning af. Al met al een topdagje en een leuk verjaardagscadeautje voor Martin.

Weer bij de auto, voelen we onze benen toch wel branden. Wij sukkels hadden ons wel met zonnebrand ingesmeerd, maar toen we hoorden dat we wetsuits kregen, hebben we er niet bij stilgestaan dat dit de korte varianten waren en we onze benen moesten insmeren. Stom, stom, stom! Zelfs Martin die niet snel verbrand, heeft rode beentjes, om van die van mij maar niet te spreken. Daar kun je zonder problemen een eitje op bakken...

Darwin – Cairns

Om drie uur 's nachts gaat de wekker. Valt dat even tegen! Een uurtje laten zitten we alweer in de auto richting het vliegveld en is het maar liefst 28 oC. Van huurmaatschappijen mag je in het Northern Territory niet voor zonsopkomst met de auto rijden, doe je het toch, dan ben je niet verzekerd. Maar wat moet je anders als je voor alle vluchten richting Cairns voor zonsopkomst moet hebben ingecheckt? Onverzekerd rijden en hopen dat je geen brokken maakt!

Heelhuids aangekomen, leveren we onze Prado weer in bij het vliegveld en checken we in voor onze vlucht (QF 1871) van Darwin naar Cairns. Aangezien we nog wat tijd over hebben, eten we ons meegenomen ontbijtje op in de aankomst- en vertrekhal. Het is nog even zoeken voordat we een plekje hebben gevonden waar we kunnen zitten, want overal liggen mensen op stoelen en banken te slapen. Aangezien er geen vertragingen en stakingen zijn, zullen het wel allemaal mensen zijn die niet voor een paar uurtjes een hotel willen betalen of niet het vervoer midden in de nacht willen regelen.

Bij de pre-boarding lijken onze boemerangs even een probleem te worden. De souvenirs worden apart genomen en even grondig bekeken. Omdat ze goed zijn ingepakt met bubblewrap en ducktape, snappen ze dat we ze niet als wapens zullen gebruiken en mogen ze gelukkig toch mee.

Bij de gate lijkt het opeens alsof ik McDonalds ruik. Het blijkt eten van de Red Rooster (soort KFC) te zijn, wat onze achterburen smakelijk om vijf uur 's ochtends naar binnen zitten te werken. Je moet er maar zin in hebben.

Ook deze vlucht zit maar half vol, dus we vertrekken lekker op tijd (even voor zevenen) om rond tien uur in Cairns aan te komen. De vriendelijke man aan de Hertzbalie deelt ons ook hier mee dat onze huurauto nog niet klaar is (we zijn dan ook een kwartier te vroeg), maar maakt alle papieren in orde en vraagt zijn collega die de auto's moet klaarmaken of hij nog een C-type beschikbaar heeft. In eerste instantie wordt ontkennend geantwoord en krijgen we te horen dat we een free upgrade naar een Toyota Camry en dat we een kwartiertje moeten wachten tot hij gewassen is. Op zich geen verkeerd nieuws, want de Camry die we eerder al als gratis upgrade hebben gekregen reed prima. Als we even later door de man worden geseind dat de auto klaar is, blijkt echter dat er toch nog een C-type beschikbaar was en dat het niet eens een Toyota is. We krijgen een Holden Epica.

Zonder enige idee hoe dit merk eruit ziet gaan we op zoek naar ons vervoermiddel. En daar staat ie dan, lekker zwart (heerlijk met deze temperaturen) en glanzend op ons te wachten...

De auto rijdt een stuk minder soepel en ook de automaat werkt weer net iets anders, maar we komen ermee uit de voeten. Al blijven we erbij dat een Toyota toch een betere optie was geweest! Nu op naar de Bay Village Tropical Retreat (http://www.bayvillage.com.au/) in Cairns.

Bij het hotel aangekomen, zijn we veel te vroeg om in te checken, maar we besluiten een gokje te wagen en te vragen of we al in onze hotelkamer kunnen. Met mijn meest onschuldige glimlach vraag ik de stagiaire achter de balie of ze iets voor ons kan regelen. En ja hoor. We krijgen een gratis upgrade van onze kamer en deze kamer is ook al klaar voor gebruik. Is dat even mooi!

We hebben maar liefst uit drie bedden de keuze, dus we kunnen bijna iedere nacht in een ander bed slapen (wel niet altijd samen, want twee van de bedden zijn 1-persoons). Nadat we ons geïnstalleerd hebben, besluiten we eerst nog even ons slaapgebrek in te halen en daarna even de stad in te lopen. Zelfs Martin die normaal gesproken overdag niet kan slapen, dut nu in en een uurtje later dan gepland lopen we dan toch via de Esplanade (soort boulevard) langs de zee richting winkels. Hier scoren we nog twee badlakens voor onze snorkeltocht en slaan we weer wat eten in.

‘s Avonds eten we bij het Indonesisch restaurant van het hotel, Bayleaf. We hebben een tafeltje op het terras buiten gereserveerd, dat sfeervol met fakkels en palmbomen is omgeven. Martin bestelt hasil laut bumbu kuning (een seafoodmix in yellow coconut milk) en ik ga voor de balung babi mepanggang (BBQ prok ribs in een zoetzure marinade). Dit is echt goed eten! We besluiten dan ook ons laatste avondmaal in Australië hier te eten.

Top End (Litchfield NP)

Als Martin vanochtend als eerste de badkamer op gaat, wordt hij weer verwelkomd door de twee kikkers. Blijkbaar wonen ze achter het toilet. Ook nu kruipen ze weer weg en we besluiten ze maar met rust te laten.

Na een lekker ontbijtje, gaan we kijken bij het vogels voeren. De vogels zijn duidelijk op de hoogte van de voedertijd, want ze zitten al in de bomen te wachten. De meest mooie kleuren zien we weer voorbij komen. Ook nu zijn er weer rainbow lorrikeets, galahs en een speciaal soort kaketoe dat we nog niet eerder gezien hebben.

Dan rijden we naar Litchfiel National Park, wat bekend staat om zijn indrukwekkende termietenheuvels en zijn spectaculaire watervallen. Bij de termietenheuvels worden we begeleid door de vele vliegen. Er blijken verschillende soorten te zijn. De zogenaamde kathedralen hebben we al eerder langs de weg gezien, maar de andere soort is heel anders van structuur en model. Het gebied is afgeschermd, waardoor je niet dichterbij kunt komen, maar gelukkig hebben ze ook een paar exemplaren beschikbaar gesteld voor toeristen die een foto van zichzelf bij zo'n gigantisch bouwwerk willen maken. En als waardig toerist doen we dat dan ook. We vangen toevallig op dat het exemplaar waar wij voor staan zo'n 50 jaar oud is en zo'n 6 meter hoog is (alleen het gedeelte boven de grond). Hoger maken de termieten ze blijkbaar niet, dus dit is echt een topexemplaar.

Als we verder rijden naar Florence Falls, zie ik een leguaanachtige op de weg liggen en ga vol op de rem. We parkeren de auto langs de weg en willen een foto van het beestje nemen. Ondanks dat het beest blijft liggen als een auto op hem afgereden komt, schiet hij de struiken in als Martin op hem af loopt. En hij heeft zich toch gedoucht vanochtend...

De Florence Falls hebben het hele jaar door water, dus deze keer hebben we een echte waterval te pakken. En wat voor eentje. Ik had al gehoord dat de Edith Falls de naam hebben de mooiste te zijn, maar de Florence Falls eigenlijk veel mooier zijn. Na deze gezien te hebben, kan ik dat alleen maar beamen. De waterval is best spectaculair.

Via een behoorlijk aantal trappen kun je naar beneden en een duik nemen in de plunge pool van de waterval. Los van de vele trappen, is deze waterval goed bereikbaar, dus is het ook wat drukker in het zwemgedeelte. Het is echter nog niet zo gemakkelijk om erin te komen, want het wordt omringd door glibberige rotsen. Niet dat we ons daar door tegen laten houden... Het water is een stukje frisser dan dat we tot nu toe gewend waren, maar desondanks is het heerlijk even een duik te nemen en naar de waterval te zwemmen.

Het liefst zou ik een foto maken van onderuit, maar durf niet met de camera om mijn nek over de rotsen te lopen. Martin durft dit wel en maakt een paar leuke sfeerfoto's. Als we klaar zijn met badderen, mogen we weer via de vele trappen omhoog klauteren en kunnen we verder richting Darwin.

Onderweg maken we nog een tussenstop bij de Didgeridoo Hut. Het is even zoeken voordat we ‘m vinden, maar volgens onze bronnen hebben ze hier mooie didgeridoo's. En dat klopt! We zien een prachtig exemplaar achter de schermen staan, maar deze is nog niet klaar (heeft nog geen vernis op). Als we vragen of ze de didgeridoo kunnen versturen naar Nederland als hij klaar is, geeft de eigenaresse aan dat het geen probleem is. Haar dochter komt de didgeridoo voor ons bespelen en vertelt ons hoe we het ook zelf kunnen doen. Na een korte leuke poging, besluit ik vooral thuis verder te oefenen...

De prijs van de didgeridoo wordt bepaald door de klank (en deze klinkt heel mooi) en de kunstenaar die hem beschilderd heeft. Na wat onderhandeling komen we uit op AUD 230. We hebben ook nog mooie boemerangs gevonden en besluiten deze ook nog mee te nemen. Het leuke is dat de boemerangs zijn beschilderd door de echtgenoten van man die de didgeridoo heeft beschilderd. De didgeridooman maakt normaal gesproken alleen schilderijen, dus we hebben geluk dat hij daar deze keer van is afgeweken. De didgeridoo is beschilderd met een dotpainting van een guana. Blij met onze aankoop, reken we het aanzienlijke bedrag af en rijden we verder naar Darwin. Nu maar hopen dat de didgeridoo ook aan komt in Nederland...

Vandaag overnachten we weer in de Travelodge Mirambeena Resort. Als Martin de auto gaat voltanken en nog een paar geheugenkaartjes voor de camera gaat kopen, maak ik de bagage klaar en duik nog even in het zwembad.

Omdat we op tijd naar bed willen, bestellen we via roomservice twee chicken schnitzels. Lekker, maar veel! En dan liggen we rond negen uur in bed.

Top End (Nitmiluk NP)

Vanuit Katherine rijden we naar Nitmiluk NP voor de start van onze boottocht (Timeless Land) door de beroemde Katherine Gorge. Het gorgesysteem dat door de Katherine River in de rotsen uitgeslepen werd, vormt een van de mooiste landschappen van het noorden. In de prachtige kloof, die op sommige punten 100 meter diep is, liggen 7 cataracten. De Aboriginals noemen dit gebied het Nitmiluk National Park.

We staan gelukkig bijna vooraan in de lange rij van mensen die aan boord willen. In de rij raken we aan de praat met een Australisch stel uit de omgeving van Brisbane. Zij hebben hier overnacht en zijn de hele nacht wakker gehouden door wallabies die de bierkartons van de buren kapot scheurden en opaten. Ach ja, beter dan een regenbui van vieze kevers, toch? Ze vertellen ons dat een van de rangers een babykangoeroe bij zich draagt omdat een stelletje maffe rednecks met geweren hier rondlopen, die zelfs in het nationale park kangoeroes (en in dit geval dus de moeder) voor de lol doodschieten. Nou, ik wist wel wat ik met die mannetjes zou doen als ik ze te pakken kreeg (en niet strafbaar was voor mijn actie). Blijkbaar is het wapenbeleid in het Northern Territory soepeler dan in de rest van Australië vanwege de krokodillen. Dit is dus het gevolg hiervan...

Het leuke is dat de man denkt dat we in Nederland voornamelijk Engels spreken. En dat terwijl zijn zoon nog wel een jaar in Nederland heeft gewerkt (verliefd geworden op een Nederlands meisje en haar naar Nederland gevolgd).

Aangezien de boot nagenoeg vol is (helaas!) en is ingedeeld met zitjes van 3, zijn er dus mensen die niet naast elkaar kunnen zitten. Niet echt leuk dus, maar gelukkig hebben wij nog keus genoeg als we gaan zitten. Voor ons zit een ouder Australisch stel uit Sydney en de vrouw herkent ons 'Dutch accent' en knoopt een gesprekje met ons aan. Haar vader blijkt een Nederlander te zijn die hier tijdens de WO II gevochten heeft en daarna hier is gebleven. We krijgen nog een kort geschiedenislesje van haar en dan gaan we genieten van het uitzicht.

Het valt ons wel op dat we veel Australiërs tegenkomen die op vakantie gaan in eigen land. En waarom ook eigenlijk niet. Met zoveel landoppervlakte en variatie aan bestemmingen, hoef je ook niet veel verder te gaan.

De boottocht duurt zo'n 3,5 uur en we varen door de mooie gorge. Hier en daar spotten we een reiger en verder vertelt onze gids vooral over de bomen en planten en hoe de Aboriginals deze gebruiken. Ondanks dat het een mooie omgeving is, kan deze boottocht niet tippen aan die in Yellow Waters. Hoogtepunt is een frisse duik in de gorge (en ook wel hard nodig na de nodige tijd in de brandende zon te hebben gezeten. Heerlijk!

Achteraf gezien, hadden we in Nitmiluk NP moeten overnachten. Dan hadden we de wallabies weer voor onze deur gehad en hadden we wellicht voor de iets minder toeristische optie kanoën, om de Katherine Gorge te ontdekken, kunnen kiezen. Maar goed, al met al was het een mooie ochtend. Na de boottocht rijden we naar Batchelor en checken we in bij de Batchelor Resort Caravillage (http://www.batchelor-resort.com/). Als we de sleutel van cabin 1 krijgen, vraag ik of we de enige toeristen zijn. Nog niet zo verkeerd gegokt blijkbaar, want ondanks dat we niet de enigen zijn, is het erg rustig en dat is het volgens de eigenaar al de laatste drie jaar. Door de economische crisis is Australië te duur geworden voor toeristen (vertel ons wat!) en gaan de Australiërs door hun sterke munt ook wat sneller naar het buitenland.

Als we onze cabin binnen gaan, springt het zweet uit de poriën. De zon heeft de hele dag erop staan branden en de airco heeft niet aangestaan. Pff, valt dat even tegen. Ik zet hem meteen aan op volle kracht en gelukkig werkt dit exemplaar prima. Het koelt al snel af naar een acceptabele temperatuur.

Na ons eigen potje te hebben gekookt, willen we naar bed gaan, als ik opeens een kikker op de badkamerdeur zie. Het is een kleintje, maar de vraag is waar hij vandaan komt. Aangezien hij best schattig is, laten we hem lekker zitten en ga ik de badkamer in om nog even snel een pitstop te maken voor de nacht. Maar wat blijkt... op de wc zit ook zo'n kleine rakker... Ai, en nu? Ik moet toch echt heel nodig, maar heb ook weinig behoefte aan een kikker die op mijn bil springt terwijl ik zit. Terwijl ik me bedenk wat te doen, kruipt de kikker achter de spoelbak van het toilet en kijkt me met zijn twee zwarte kraaloogjes nog net om het hoekje aan. Ik besluit het erop te wagen en we houden elkaar goed in de gaten...

Top End (Kakadu NP)

We vertrekken weer eens met zonsopgang, zodat we zo vroeg mogelijk bij Gunlom zijn en hopelijk nog een beetje acceptabele temperatuur hebben. Vandaag is het mijn beurt om achter het stuur van onze stoere 4WD (ook wel liefkozend 'tractor' genoemd) te kruipen. Het lijkt wel alsof de auto gemaakt is voor mannen, want alles is vooral heel groot. Je zit erg hoog waardoor je goed overzicht hebt, maar het is weer even wennen om met een schakelbak te rijden en vooral om met links te schakelen. Het went al snel en dan is het vooral weer een eindje kachelen. Net als we zeggen dat er weinig wildlife te spotten is in dit gedeelte, zien we een kudde wilde buffels naast de weg staan. Even later treffen we ook nog een kudde wilde paarden met een veulentje midden op de weg aan en als toetje zien we eindelijk de licht gekleurde kangoeroes die hier leven over de weg hopsen.

Richting Gunlom moeten we over een gravelroad. Dit valt eigenlijk best mee, je kunt op sommige plaatsen niet al te hard en het stuitert wel een beetje, maar er zijn niet al te veel putten en kuilen.

Bij Gunlom aangekomen lopen we eerst naar de Plungepool. Hier is het al echt een mooi plekje, met ontzettend helder water. De waterval is er wel, maar erg magertjes. Toch is het zeker de moeite waard om de rit hiernaartoe te maken. Dan gaan we op zoek naar de weg naar de lookout. We zien al snel aangegeven staan dat deze route, die op zich maar 1 km is, zo'n uur duurt om te lopen. Dat wordt dus een pittige klim. Op de informatie die we van internet hadden gehaald staat ook al vermeld dat het een zware klim is. Leuk vooruitzicht dus! Al snel merken we dat dit inderdaad geen makkie wordt. Over rotsen moeten we naar boven klauteren en het is af en toe echt zoeken hoe je het beste verder kunt. Na veel zweet bereiken we uiteindelijk de lookout, waarbij je bij de bovenste pools en de Gunlom Falls uit komt. Dit is echt een idyllisch plekje! We zijn bijna alleen hier en op de vliegen na is alles hier perfect. Er is een klein waterval die in het natte seizen vast uitermate spectaculair is, verschillende pools en een uitzicht dat over Kakadu reikt.

De enige andere toeristen is een Australisch stel uit Melbourne die 5 maanden door Australië trekken met hun drie kinderen. Zijn moeder is overigens Française, dus er is enige verbondenheid met Europeanen. Zij zijn lekker aan het zwemmen in de pools en het water is zo kraakhelder en redelijk ondiep, dat we besluiten ook een duik te nemen. Doordat het vrouwtje in het Visitor Centre ons niet durfde aan te geven dat er hier gezwommen kon worden, hebben we echter geen badkleding bij ons. Martin rits zijn pijpen eraf en trekt zijn shirt uit en ik spring met kleren en al in het water. Heerlijk! We zien nog een guana op een van de rotsen zitten, die ook het water in gaat. Dat kun je het beestje niet kwalijk nemen. Het water is echt erg lekker van temperatuur. Zeker in deze tropische hitte. Als we een praatje maken met het Australisch stel, geeft de man aan dat zij in een ander Visitor Centre wel de juiste info hadden gekregen (zij hadden wel badkleding bij zich) en de vrouw in ons Visitor Centre 'probably was covering her ass'.

Alhoewel ik hier wel een paar uur zou kunnen vertoeven, moeten we na zo'n drie kwartier gebadderd te hebben helaas weer verder. Eerst nog de uitdagende tocht naar beneden.

Onderweg spotten we een balancerende rots boven op een andere en besluiten hier te stoppen om een foto met ons tweeën en onze vierwieler te maken.

We rijden verder naar de Edith Falls. We willen hier eigenlijk de Leliyn Trail lopen, maar de korte variant blijkt te zijn gesloten (door onderhoud aan het wandelpad), waardoor alleen de lange route met pittige klimmetjes beschikbaar is. Aangezien het alweer zo'n 36 oC is, lijkt ons dat niet zo'n goed idee. Overigens is het hier echt supertoeristisch. Er lopen veel te veel toeristen, nagenoeg allemaal in zwemkleding om hier een duik te nemen. We besluiten alleen even naar het begin van de onderste waterval te lopen. Deze waterval heeft meer kracht dan de anderen die we tot nu toe gezien hebben, maar is verder weinig spectaculair.

We rijden verder naar Katherine op zoek naar ons hotel All Seasons Katherine (http://www.accorhotels.com/nl/hotel-3112-all-seasons-katherine/index.shtml). Net als we denken dat we te ver zijn en we om moeten draaien, zien we het hotel in 'the middle of nowhere' liggen. Ook hier is het weer boffen. Onze kamer ligt best lekker koel, maar als we helemaal gesetteld zijn, blijkt de airco het ook hier niet te doen. Omdat we geen zin hebben om weer met alles te moeten gaan sjouwen, besluiten we toch maar hier te blijven en de ventilator gewoon een standje hoger te zetten. We besluiten wel dat als we nog eens naar Australië gaan, we geen kamers meer boeken bij de All Seasons-keten.

Het eten in het restaurant is overigens hier wel de moeite waard. Martin kiest voor een Barramundi, terwijl ik voor de Surf & Turf ga (biefstuk van de gril met scampi gebakken in chilisaus). Een hele goede keuze!

Top End (Kakadu NP)

Na een ontbijtje in onze eigen toko, rijden we naar Cooinda voor onze Yellow Water Cruise (http://www.gagudju-dreaming.com/Cruises/Overview.aspx). Deze boottocht leidt ons gedurende 2 uur door de Yellow Water Billabong en de South Alligator River. Er is genoeg plaats op de boot, want nog niet de helft van alle plaatsen is gevuld. Ideaal dus, want nu kun je tenminste ook een beetje rondlopen om te fotograferen. Deze excursie is echt de moeite waard! De wetlands zijn echt adembenemend mooi. Volop waterlelies, zowel de bekende witte, maar ook prachtig grote roze exemplaren. En natuurlijk vooral veel beestjes. Ik weet niet hoeveel krokodillen we gezien hebben, maar meer dan op twee handen te tellen is. Vooral vrouwtjes en het grote dominante mannetje ligt ergens verstopt tussen de boomstronken in. Voor de rest veel soorten herons, kingfishers, white bellied sea eagles, whistling ducks, jabiru's, brolga's, magpie geese (moesten we echt een keertje eten volgens onze gids), wilde koeien en wilde paarden en nog veel meer beestjes waar ik de namen niet meer van weet. De tijd gaat veel te snel, want als we nog met volle teugen zitten te genieten van de boottocht gaan we alweer terug.

Op de terugweg naar de lodge doen we nog even het Cultural Centre en het informatiecentrum aan . Bij het laatste willen we even navragen of het verstandig is om morgen naar Gunlom te rijden en of we er veilig kunnen zwemmen. Met het antwoord kunnen we niet zo veel. De wegens zijn blijkbaar wel recent gegravelled, maar je kunt er niet al te goed doorrijden. Of de waterval droog staat of niet weet het vrouwtjes ons niet te vertellen, de plungepool waarschijnlijk wel. Of het verstandig is hier te zwemmen, mag ze niet zeggen, want je weet in deze waters nooit of er krokodillen in zitten. Tja, lekker dan. We zullen morgen wel eens kijken hoe het ervoor staat en laten die zwempartij maar zitten...

De rest van de middag verblijven we lekker in de lodge. We hadden eigenlijk gepland om nog naar Nourlangie te gaan, maar besluiten hier vanwege de temperatuur maar van af te zien. Of we echt iets missen? Ik weet het niet. De ene wandeling zou meer rock art betekenen en de andere meer billabong en beide hebben we al ervaren. En een middagje rust is ook niet verkeerd...

's Avonds weer een lekkere BBQ en dat was het voor vandaag. Overigens zijn hier tegen de avond veel green ants actief. Erg alerte en agressieve mieren met een, hoe kan het anders, groen achterlijf.

Top End (Kakadu NP)

Na een lekker ontbijtje op bed, rijden we over de Arnhem Highway via Humpty Doo naar de Adelaide River voor onze Jumping Crocodile Cruise (http://www.jumpingcrocodilecruises.com.au/). We zijn nog maar net aan het varen en we zien de eerste krokodil al in de richting van de boot komen zwemmen. Het water van de rivier is erg muddy, waardoor je de krokodillen als ze onderduiken al snel niet meer ziet. Dit is dus geen water waar je een duik in wilt nemen... Met porkchops worden de krokodillen dichter naar de boot gelokt en verleid tot het uit het water 'springen'. Iedere krokodil kennen ze bij naam, waaronder een aantal bijzondere namen als Scarface en Limpty. De namen zijn veelal afgestemd op hun verwondingen. Vooral de mannetjes zijn erg territoriaal en vijandig richting elkaar, dus er is er nagenoeg geen een te vinden die al zijn poten nog heeft. Onze crocodile dundee vertelt ons zelfs dat op een boottocht twee mannetjes aan het vechten waren en het grotere dominante exemplaar een poot van de tegenpartij eraf rukte en voor de ogen van het publiek naar binnen werkte. Tja, zo spectaculair zien wij het niet, maar we zien wel een kort gevecht tussen twee mannetjes. Op een gegeven moment komt een vrouwtje aangezwommen, dat natuurlijk veel kleiner is dan de mannetjes, maar zeker haar mannetje staat. Zij hebben namelijk echt een vast territorium waar ze ook voor het nageslacht zorgen, dus weet ze de mannetjes te verdrijven als het moet. Pittig wijffie! De langste krokodil die we vandaag zien is zo'n ruime 4 meter, maar er is blijkbaar een exemplaar van 6 meter die wel eens gevoerd wordt vanaf de boot. De boottocht duurt maar een uurtje en is zeker de moeite waard. Een beetje toeristisch dat wel, maar gelukkig laten ze iedere krokodil maar drie keer springen naar een hapje en dan mag hij het hebben en gaan ze verder naar de volgende (er zitten hier toch genoeg).

Kakadu is een van de hoogtepunten van het Northern Territory. Het is bijna even groot als Nederland en het staat sinds 1981 op de lijst van Werelderfgoederen. Het grootste deel bestaat uit met bomen begroeide savannes; daarnaast zijn er rotsgebieden in het zuiden en oosten en zogenaamde wetlands in de buurt van de rivieren West Alligator, East Alligator en South Alligator. Kakadu is eigendom van de Aboriginals en wordt door de Australische overheid van hen gehuurd en geëxploiteerd. Het gebied is erg dunbevolkt en er zijn maar een paar plaatsen van enige betekenis zoals Jabiru en Cooinda.

Kakadu is gemakkelijk bereikbaar vanuit Darwin via de Arnhem Highway. Na zo'n tweeëneenhalf uur rijden vanaf Darwin bereik je het park. Het is duidelijk te merken dat in Australië aan de weg gewerkt wordt (letterlijk dus), maar de rit is goed te doen. Het landschap is hier weer beduidend anders dan in de andere gedeeltes. Tijdens de rit zien we gigantische termietenheuvels in het landschap staan. Het begint klein, maar gaandeweg de rit zien we exemplaren die rond de 2,5 meter hoog zijn. En natuurlijk zien we weer de gebruikelijke bushfires. Ondanks dat de fire hazard hier met 'very high' lager is dan in Alice Springs, stuiten we op een gegeven moment op een vuurtje dat zich aan weerszijde van de rijweg bevindt. Het is typisch om te zien, hoe de afgebrande vlaktes direct worden opgevolgd door de wetlandgedeeltes.

Een van de grootste attracties van Kakadu NP vormen de eeuwenoude grotschilderingen en rotsinscripties bij Ubirr en Nourlangie Rock. Vandaag maken we dan ook een wandeling bij Ubirr om van de natuur, uitzichten en rotsschilderingen te genieten. Nou ja, genieten... De temperatuur loopt al een behoorlijk eind richting de 40 oC en de muskieten prikken je lek. De rotsschilderingen zijn wel typerende aboriginals afbeeldingen en ondanks de oudheid ervan nog duidelijk zichtbaar. Hoogtepunt voor ons is echter de lookout, waar je een prachtig uitzicht hebt over het typerende landschap van dit gebied (bijzondere rotsformaties afgewisseld met palmbomen en wetlands). Omdat de muggen zich vooral bij de lookout lijken te concentreren, besluiten we hier niet al te lang te blijven staan en weer snel naar beneden te klauteren. Het is soms even zoeken naar de route terug, maar totaal oververhit weten we de weg naar de auto terug te vinden.

Nu op naar de Kakadu Lodge (http://www.auroraresorts.com.au/) in Jabiru. Gelukkig heeft onze cabin (een soort veredelde stacaravan) airconditioning. Na een beetje afgekoeld te zijn, maken we 's avonds gebruik van de gezamenlijke BBQ. Martin, de chefkok, heeft een heerlijke maaltijd bereid (BBQ-worstjes met een lekkere salade en stokbrood met kruidenboter). We proberen een flesje gingerbeer (anders dan de naam doet vermoeden is dat niet alcoholisch) en dat smaakt niet verkeerd.